Dag 18

Yosemite National Park

Hallo,
Vandaag en route vanuit het plaatsje Tulare richting Yosemite National Park, een tocht van 2 uurtjes. Omdat we in de waan waren dat deze tocht 3,5 uur zou duren zijn we vroeg opgestaan en zaten we om 7 uur in de auto. In de auto kwamen we erachter dat het maar 2 uurtjes rijden was, dus dat scheelde weer. Mooi op tijd zouden we aankomen.
Het park is ontstaan door een gletsjer in de ijstijd. Deze heeft het hele park eigenlijk gevormd. Het is een grote vallei met daaromheen mega hoge rotswanden. De rotswanden lopen recht omhoog wat er nogal indrukwekkend uitziet. Langs de rotwanden lopen verscheidene watervallen naar beneden. Wij kwamen via het zuiden richting het park aanrijden, daardoor hadden we een route van nog 60 mijl voordat we daadwerkelijk in de vallei aankwamen. De route liep door het bos wat wel weer heel mooi was. Zulke grote bossen heb je helemaal niet meer bij ons. In onze reisgids stond dat de meeste routes in de winter zijn afgesloten ivm sneeuwval. Dit bleek gelukkig niet het geval te zijn en waren de meeste routes open.
Uiteindelijk konden we afslaan richting iets wat Glacier Point heet. Dit is een van de hoogste punten in het park vanwaar je een mooi uitzicht hebt over de vallei. Vanaf hier zagen we ook de Nevada Fall en daaronder de Vernal Fall, 2 watervallen die er mooi uitzagen en naar welke we dus wel een trail wilden bewandelen. Aan de andere kant zagen we de Yosemite Fall, de hoogste waterval van Noord-Amerika. Het water dondert hier 740 m naar beneden. De watervallen zijn op het moment dat wij er zijn niet zo heel mooi omdat er weinig smeltwater is. In het voorjaar schijnt het heel erg mooi te zijn (en tevens stervensdruk). Dus we hebben een plan, een rondje wandelen bij die watervallen. Helaas had diegene die de wegenkaart had ontworpen geen goede dag ofzo, dus moesten we over een stukje van 5 km hemelsbreed weer een uur sturen.
Het stukje van een uur was gelukkig wel mooi: door de oerbossen, via slingerwegen, kortom best uit te houden. Beneden in de vallei aangekomen kwamen we ook nog langs een waterval, de naam ben ik alweer kwijt, hier zijn we nog eventjes gestopt om te kijken. Omdat het water via een steile rotswand naar beneden valt wordt het alle kanten op geblazen wat een leuk gezicht is. Hierna door, richting de parkeerplaats waar de Mist Trail begint. Deze loopt eerst naar het onderste gedeelte waar de Vernal Fall is, en daarna door naar boven naar de Nevada Fall. Samen is dit eigenlijk 1 waterval. De route zou in totaal (dus naar de bovenste waterval toe) 11 kilometer zijn, maar helaas hadden we hier geen tijd voor. Dus hebben we het onderste stuk gelopen, naar de top van de Vernal Fall. Een route van 3 mijl (4.8 km) met een klein hoogte verschil van 333 meter.
Na de auto geparkeerd te hebben wilden we op weg gaan. Iets hield ons alleen even tegen: er stonden hele grote borden met erop dat al het eten uit de auto moest omdat beren deze open konden breken (met een mooie foto erbij van een reeds door een beer opengebroken auto). Aangezien wij een paar broodjes en peperoni in de auto hadden liggen en deze niet in een of ander berenproofding wilden leggen, toch maar gaan wandelen op hoop van zege dat de auto er nog knap bij zou staan als we terug zouden keren (jawel dat durfden we met ons geluk).
De trail (volgens mij was deze speciaal ontworpen voor Danjel, deze vond ‘m daarom ook mega fijn) ging het hele stuk bijna loodrecht omhoog. Het begin was gewoon een verhard pad langs de rivier en daarna een heel stuk van een soort van traptreden die allemaal schots en scheef lagen. Doordat we stiekem nogal wat stukjes gelopen hebben de afgelopen tijd, waren de beentjes al een klein beetje vermoeid. (Danjel stond te trillen op haar benen op weg omhoog, maar ze heeft doorgezet tot boven). Tijdens de tocht hadden we heel vaak mooi uitzicht op de rotswanden om ons heen en op de rivier. Bij het laatste stuk met de trap kregen we de waterval in zicht, hierdoor werden we nat en koud, wat iets minder was. Na de helse klim eindelijk boven aangekomen en het was het wel waard: het is toch wel gaaf om een waterval te zien en horen vallen van zo’n grote hoogte (97 meter). Hierna de rit terug, die ook niet heel makkelijk ging omdat alles zo schots en scheef lag en omdat het telkens mega grote stappen waren (ook een beetje in spanning over de auto). Dus na een aardig tijdje gelopen te hebben eindelijk de auto weer in zicht, en gelukkig hij stond er nog steeds zoals we hem achtergelaten hadden (met spijker in band en kras over de achterdeur).
Nu hadden we nog een klein dingetje wat we wilden zien, de Tioga Pass; een pas die over de noordelijke rotswanden van het park loopt. Dit zou een van de mooiste routes van de VS moeten zijn. Dus maar weer in onze koets die kant op. En eigenlijk zaten we tijdens het stuk van de route, die best wel mooi was maar uiteindelijk gewoon een mooie route door het bos bleek te zijn, uit te kijken naar beren omdat ik die graag wilde zien. Aangezien ik dit stuk reed was Danjel de berenuitkijk. Het kleine probleem hiermee was alleen dat ze eigenlijk alles miste, de hertjes die ik wel zag tijdens het sturen zag ze al niet. Wel veel verbrande boomstronken hebben we aangezien voor beren. Maar uiteindelijk raad je het al natuurlijk, hertjes, daar is het bij gebleven.
Nadat we ongeveer tot de helft gereden zijn, zijn we gewisseld van plek en heeft Danjel de moeilijke taak op zich genomen om ons veilig naar ons huis voor vandaag te brengen. Wederom een tocht van 1,5 uur rijden. En dit heeft ze fenominaal gedaan, zoals natuurlijk te verwachten valt. Hier ingecheckt en lekker even een hapje wezen eten.
Na het eten gingen we nog een klein stukje lopen door dit plaatsje en toen werden we aangesproken door een vrouw. Deze had ons horen praten tijdens het inchecken en gehoord dat we morgen naar San Francisco zouden gaan. Zelf zocht te vrouw vervoer die kant op en wij hebben toegezegd dat ze kan meerijden. Dus mochten jullie morgen geen blog krijgen of geen appje, het is een Franse vrouw genaamd Cathy en ze is een backpacker.