Dag 13

Zion National Park

Hallo,
Vandaag zijn we naar het Zion National Park geweest, dit was volgens onze planning iets minder dan een uurtje rijden. We zijn rond 8 uur die kant op gereden, toen we de auto hadden gestart kregen we meteen de melding “low tire pressure”, want ja we hebben een spijkertje in onze rechtervoorband (was al bekend sinds de dag ervoor, maar toen liep ie niet leeg). Maar oké, iets minder druk in de band, ipv 37 psi nu maar 25 psi. Dus daar maar mee gaan rijden, aangezien er in de omgeving niets te vinden is waar je de band mee kunt oppompen. Tijdens de trip van 71 mijl dan maar uitkijken naar plekjes om de band op te pompen. In alle dorpjes (gehuchten) die we tegenkwamen was niets, en de 3 tankstations die we tegen gekomen zijn hadden natuurlijk geen lucht. Dus uiteindelijk bij de bewuste aflag richting het park (nog 5 mijl) kwamen we een tankstation met lucht voor de bandjes tegen, de bandjes hier maar eventjes een beetje lucht gegeven. Na dit probleem opgelost te hebben, op naar het park. Het geplande uurtje was inmiddels al op 1,5 uur belandt.
Uiteindelijk in het park aangekomen werden we meteen weer op een schitterend uitzicht getrakteerd. Wederom op naar het Visitors Center, hier hebben we meteen de auto geparkeerd omdat we vandaag alles doen met de shuttlebus (milieubewust weet je wel). Hier hebben we een plan getrokken. In het park zijn meerdere wandelingen die worden ingedeeld in moeilijkheid: makkelijk, te doen en moeilijk. Dus na een tijdje naar het mapje gestaard te hebben kwamen we er op een paar uit. De eerste was 9 km lang waarvan 4,5 omhoog met afgronden waar al mensen te pletter waren gevallen, dus die viel af. De route “Hidden canyon” was de volgende op de lijst en deze besloten we maar te lopen, deze loopt namelijk maar 2 km omhoog en is totaal 5,4 km lang. Dus in de bus naar het betreffende startpunt. Hier kwamen we erachter dat dit park vele malen groener is dan de voorgaande, dit doordat de rivier de Virgin, die het park heeft gevormd, dwars door dit park loopt.
Bij de start begon de trail meteen uphill, wat Danjel niet zo heel leuk vindt, en dit hield zogezegd 2 km aan. Na het eerste stuk kom je op smalle richels met naast je de afgrond, in de wand zitten hiervoor kettingen bevestigd om je aan vast te houden wat op sommige plekken van pas kwam. Boven aangekomen lagen er grote stilstaande ronde poelen in de grond (de berg) wat er mega apart uitzag. Deze zijn door regenwater uitgesleten. Hier eindigde ook eigenlijk de trail, maar er was de mogelijkheid om verder de canyon in te gaan (wie stopt er nou voor de canyon?). Op dit stuk moesten we wel klimmen en klauteren over rotsblokken, boomstammen enz. wat het natuurlijk alleen maar leuker maakte. Na deze canyon ook uitgelopen te hebben zijn we teruggekeerd. De route omlaag was toch een klein stukje minder inspannend en verliep iets vlotter.
Beneden aangekomen raakten we natuurlijk te hardlopen om ons busje weer te halen. Deze namen we terug richting een lodge die op de helft van het park zat. Hier hebben we eventjes een hapje gegeten, want na 2 uur wandelen hadden we (ik) wel honger. Hier hebben we een patatje gegeten om de calorieën weer aan te vullen. Tijdens de maaltijd waren we natuurlijk weer een vervolgplan aan het smeden. Nou kwam het heel goed uit dat er een makkelijke route van 2km vanaf deze plek start, de zogenaamde ‘Lower Emerald Pool Trail’. Dus die hebben we nog maar even gelopen, dit was een route over een verhard pad die een stuk langs de rivier en daarna door het bos slingerde. Het eindpunt voor ons (want je kon nog verder) was een grote rotswand waar het water van bovenaf naar beneden viel als een waterval (nu druppels). Dit was op het moment dus niet zo heel indrukwekkend omdat het nu najaar is. In het voorjaar, met smeltwater, is dit een grotere waterval en kun je er onderdoor lopen. Onderaan de rots lagen nog wat poelen waar het water in terecht kwam. Na dit gezien te hebben terug naar de bus, deze haalden we door wederom het laatste stuk hard te lopen.
Op naar het verste punt in het park. Hier loopt de ‘Riverside walk’, en zoals de naam misschien al verklapt is dit een route langs de rivier. Het is een gewoon verhard pad en de route is 3,5 km lang. Door de begroeiing en de rotswanden die mega hoog boven je uittorenen was dit een super stukje om te wandelen. De herfstkleuren van de bladeren en de kleuren van de rotswanden zijn indrukwekkend. In de bosjes vlak langs het pad liepen ook gewoon hertjes die totaal niet bang zijn. Aan het einde kwamen we uit bij een strandje, het eindpunt van de tocht. Als je wilde kon je nog verder naar ‘The Narrows’. Dit stuk is alleen door het water te bereiken en in de narrows zelf moet je ook door het water lopen. Helaas had ik hiervoor niet de goede schoenen aan en Danjel ook niet. Het schijnt wel mega mooi te zijn, omdat de rotswanden daar helemaal naar elkaar toe lopen zodat het erg smal wordt en alleen de rivier er nog maar tussendoor loopt.
Maar helaas dit ging niet door dus zijn we terug gelopen richting de bus, en je raad het al, waar we natuurlijk weer voor moesten hardlopen om deze te halen. Dus qua sportmomentjes zaten we weer aan onze taks voor deze dag. Nadat we bij het Visitors Center aangekomen waren zijn we lekker naar de auto gegaan om terug te keren naar ons hotel (wat nog 1,5 uur rijden was en het was inmiddels alweer 4,30 pm).
In het park en op de route erheen zijn echt honderden hertjes te zien, wat natuurlijk erg leuk is. Het enige nadeel aan de hertjes is dat er ook een heleboel langs de weg liggen (en nee ze slapen daar niet). En jawel, met ons geluk voelen jullie de bui natuurlijk al hangen. Net na het park uitgereden te zijn rijden we over een heuveltje met een gangetje van 50 mijl als er opeens herten langs de kant staan. Een hiervan kijkt ons met zijn grote bambi-ogen aan en besluit maar eens even over te gaan steken. Toen hij dat besloot, besloot ik maar eens eventjes een klein beetje te remmen. Gelukkig sprong het hertje net weer naar links toen hij voor de auto zat (anders hadden we vanavond niet meer hoeven na te denken wat we voor diner hadden). Wel hoorden we nog eventjes een tik maar met een blik in de spiegel wisten we in ieder geval dat we hem niet geraakt hadden. Het enige wat we opgelopen hadden van deze ontmoeting was: een klein beetje een versnelde hartslag, een gespreksonderwerp, en een kras van het hoefje over onze achterdeur. Het hertje en de auto (op de spijker, en kras dan) leven gelukkig nog.
Nadat we met ongeveer 15 mijl per uur verder gereden zijn (klote herten), kwamen we nog een wei vol met bizons tegen, mega machtige beesten om te zien. Deze leven hier normaal niet maar worden hier gehouden. Op andere plekken in de VS leven deze beesten wel in het wild. Na al deze avontuurtjes is het nu weer hoog tijd om ons voor te bereiden op de volgende stop: LAS VEGAS.