Dag 13

Yosemite NP & Mono Lake

Na een heerlijke nacht slapen laden we de auto in. De auto zit helemaal onder het as en het ruikt buiten nog altijd of we bij een vuurkorf staan. We tanken de auto nog even vol en vragen nog even naar de laatste informatie met betrekking de brand in Yosemite NP waar we vandaag doorheen zullen gaan.
Yosemite NP is dicht, maar de Tioga Pass kunnen we wel nemen. We bekijken nog even welke wegen dicht waren volgens de e-mail van Jan Doets en dan vertrekken we. We komen nog wat wild tegen onderweg: we rijden bijna over een muskusratje, er vliegt een vogel tegen onze voorruit en er loopt ineens een zwart paard midden op de weg. En toen: “Road Closed”. Dat zal wel niet waar zijn, we rijden gewoon door. Het was wel waar. De weg werd geblokkeerd door een grote truck en allerlei borden. Tim ging even polshoogte nemen. De wind was gedraaid en de brand in Yosemite NP was de andere kant opgekomen. De man vertelde dat we deze weg niet konden nemen. Hij nam zijn kaartje in zijn hand en wees Tim de juiste weg, terwijl er nog wat brandweerman vanaf de afgesloten weg kwam die naar de man ‘Hé amigo, comesta’ riep. De wegen die de man noemde stonden niet op onze kaart, wel de plaatsen waar hij het over had. Het klopte dat we de wegen niet op onze kaart hadden, maar de man zweerde er bij het was sowieso veel sneller om die wegen te nemen. We wisten wat ons te doen stond: de J16 en J132. Terugrijden, de eerste rechts, alsmaar rechtdoor als je op de J16 zit en je komt vanzelf op de J132. Oja en onderweg nog even ergens een rivier over ‘merged river’. Kind kan de was doen zou je zeggen. Dit ging ook enorm goed, totdat we het water over waren gegaan en we bij een T-splitsing stonden. Ik vroeg Tim of de man iets had gezegd over een T-splitsing. Nee, alsmaar rechtdoor had de man gezegd. Nou dat ging niet op, nou gokken dan maar, 50% kans, en zo snel mogelijk naar de kant van de weg om even op de kaart te kijken. We hadden ons al snel georiënteerd en zaten weer op de juiste route. We reden de toeristische route, kwamen anderhalve paardenkop tegen, maar het moet gezegd worden: de man had gelijk toen onze tomtom de weg weer oppikte waren we ruim een uur sneller dan we eerder zouden zijn geweest.
We kwamen aan bij de ingang van de zogenoemde Tiogapass. De route was prachtig, al hadden we wel last van rook en brandgeur. We hebben een paar stops gemaakt waar het uitzicht ongelooflijk mooi was. We zaten op een gegeven moment op 4000ft. Vanaf de Tioga Pass reden we zo richting Mono Lake. Mono Lake is meer dan 1 miljoen jaar geleden ontstaan, het is een van oudste meren van heel Noord-Amerika. Het heeft een oppervlakte van ruim 150 km². Aldaar zijn we ten noorden van het dorp Lee Vinning even naar het bezoekerscentrum geweest. Daar heeft een meneer ons netjes geholpen en de weggewezen. We zouden eerst naar Pantum Crater gaan, een jonge vulkaankrater waar we omheen konden lopen, vervolgens zouden we naar South Tufa gaan om ook nog even langs Navy Beach te kunnen rijden.
De weg vanaf de hoofdweg naar Pantum Crater en vanaf de hoofdweg naar South Tufa was onverhard, een kiezelweg dus waar maar 1 auto tegelijk kon rijden. Gelukkig kom je hier amper mensen tegen, dus ook geen tegenliggers.
We waren vanaf het bezoekerscentrum al snel bij Pantum Crater. Het was vrij warm op deze open vlakte, maar het was wederom prachtig. Zover als je kon kijken was er niks. En je hoorde er ook helemaal niks. Muisstil. Geen verkeer, geen gepraat, helemaal niks.
Na Pantum Crater South Tufa. Een van de meest opvallende kenmerken van Mono Lake is de aanwezigheid van vreemd gevormde kalksteentorens in het water en op de oever. Deze torens worden tufa’s genoemd. “Gedurende het lange bestaan van het meer, zijn er grote hoeveelheden mineralen en zout vanuit de omringende bergen het water ingestroomd. De enige natuurlijke manier waarop het water weer verdwijnt, is verdamping. De mineralen en het zout blijven daarbij achter, en daardoor is het water nu 2,5 maal zo alkalisch en maar liefst 8 keer zo zout als zeewater. Onder de bodem van het meer bevinden zich zoetwaterbronnen. Het zoete water bevat veel calcium, en dit vermengt zich met het zoute water in het meer. Het calcium verbindt zich met het zout, en deze combinatie slaat op de bodem neer in de vorm van kalksteen. Het duurt vele jaren voordat op deze manier een tufa is gegroeid. De torens in het zuidelijke deel van het meer zijn naar schatting 200 tot 900 jaar oud.”
We hebben bij South Tufa een korte wandeling gemaakt tussen de Tufa’s en langs het meer. We durfden er niet blind op te vertrouwen dat het water echt heel zout was. Dat hebben we natuurlijk even moeten proeven, en het is niet gelogen het is vrij zout. Een ander interessant weetje is; “ Vanaf 1941 vond een drastische afname van de watertoevoer naar Mono Lake plaats. De oorzaak was dat de stad Los Angeles vier van de vijf voornaamste stromen die eerst in het meer uitmondden, voor de watervoorziening van de stad ging gebruiken. De gevolgen voor het ecosysteem van het meer waren dramatisch; het waterpeil zakte meer dan 12 meter, en de tufa’s kwamen steeds meer boven de oppervlakte van het water uit. Een deel van de torens ligt zelfs helemaal niet meer in het water, en de groei van die tufa’s is daardoor gestopt. Pas in 1994 werd aan dit proces een halt toegeroepen; Mono Lake wordt nu beschermd, en men heeft maatregelen getroffen waardoor het waterpeil langzaam weer stijgt.” Daarnaast ligt de hele oever van het meer vol maden en vliegen, hierdoor zijn er ook veel vogels. De reden: de bijzondere samenstelling van het water.
Navy Beach lag een stukje verder dan South Tufa. Hier waren een aantal mensen aan het kanoën en vissen. Wij besloten naar het hotel te gaan.
Na een kleine 50 minuten rijden kwamen we bij het hotel aan. Het hotel heet “The Alpenhof Lodge”. Nou de naam zegt het al: alsof we in de Alpen waren. Boven de ingang hing een groot bord “Wilkommen”. The Alpenhof Lodge is gevestigd in een gebied dat in de winter erg populair is onder wintersporters, dat verklaard de alpen-achtige sfeer die hier hangt.
We worden bij de receptie gezellig geholpen en nadat we nog wat tips hebben meegekregen voor de volgende dag gaan we de bagage in de kamer zetten en naar de Pub die bij het hotel is gevestigd. We lopen de trap naar beneden en komen in een pub terecht, die heel authentiek is ingericht: donkere bar met barkrukken, tafelvoetbal, pooltafel, plafond gevuld met bierdopjes en een enorm aanbod aan bieren van de tap. We kiezen allebei wat lekkers uit en gaan lekker even zitten.
Wanneer we ons biertje op hebben gaan we terug naar boven, waar het restaurant van het hotel is gevestigd. Petra’s bistro heet het. Wij dachten nou daar gaan we weer: burgers, gefrituurde kip, gefrituurde ui, en gefrituurde weet ik het wat, maar dit was een vooroordeel. We hebben ontzettend lekker gegeten: vooraf een tapasplank, als hoofdgerecht eend en een spaghetti, en toe een brownie. Het was een zeer aangename verrassing.
We zouden nog een stukje gaan lopen. We waren de straat uit toen ik door had dat ik mijn Ipad in het restaurant had laten liggen. Oeps.. Gelukkig hadden ze hem netjes voor me bewaard. Direct daarna sloeg helaas de migraine toe. Ik ben mijn bed in gedoken in de hoop dat ik me de volgende dag beter zou voelen. In de kamer was het overigens snikheet, want we hadden geen Airco, maar alleen een ventilator. Het bed was heerlijk hard en ik heb bijna 12 uur aan 1 stuk doorgeslapen. Je kan het maar nodig hebben..