Dag 15

Dag 15 – Wandelen in de White Mountains in New Hampshire

Dag 15 – Wandelen in de White Mountains in New Hampshire

Vandaag weer een dag zonder te reizen. In de ochtend wordt er gezwommen in het buitenzwembad van het hotel en ik regel de claim bij SAS Scandinavian Airlines, vanwege onze gecancelde heenvlucht. Dat duurt allemaal iets langer, omdat je van alles en nog wat digitaal moet opsturen. Afwachten wat het resultaat gaat worden…
We hebben geen plan voor de dag, alleen dat we willen wandelen in de bergen. We ontbijten laat in de ochtend, met onze koelbox en het nodige brood wat gisteren is gekocht, op dezelfde plek waar we gisterenavond barbecueden. Het weer oogt beter, in ieder geval zonniger, dan gisteren. En met deze temperatuur is het heerlijk ‘wandelweer’! We missen alleen de koffie en thee bij het ontbijt. Nadat we een half uur later wegrijden, bezoeken we eerst in ‘Jackson’, het dorpje waar wij vlakbij zitten, een lokaal koffiehuis. Gelukkig geen ‘Starbucks Coffee’, de keten die zo groot is geworden en een claim legt alsof zij de koffie hebben uitgevonden, dat ik wel heen beetje klaar met Starbucks ben. Alhoewel dit koffiehuisje ook de Starbucks manier van koffie overneemt – Caramel Macchiato, Cinnamon Dolce Latte of Skinny Mocha – bestellen we er toch wat (maar dan zonder al die zoete rotzooi erin) en kunnen we de New York Style Lemon Pie niet laten staan. Buiten op het terrasje midden in Jackson, onder de steeds fellere zon, drinken we onze drankjes op. Ons oog valt op de “Holland Bloemen Winkel”, die écht zo heet, naast het koffiehuis. Het blijkt dat hier ooit een Hollander is neergestreken, wiens vader in de Nederland rozenkweker was en zodoende besloot deze man kennelijk om in Jackson NH een bloemenwinkel te beginnen.
In stemming wordt gebracht wat we de middag, naast het wandelen, gaan doen. De meerderheid is voor kanoën en we zoeken op waar we moeten zijn. De kano verhuur blijkt in ‘North-Conway’ te zitten dus rijden we daar heen. North-Conway blijkt een stadje dat als uitvalsbasis dient voor een bezoek aan de White Mountains. Honderden winkels en outdoor shops en veel hotels en Inns. Het duurt even voordat we bij de kanoverhuur zijn, maar uiteindelijk vinden we het. Met veel enthousiasme stappen we binnen. De man achter de balie, zo’n figuur van tegen de 60 die ‘outdoor’ ademt, gespierd en strak in het vel, meldt ons dat ze niet meer gaan vandaag. Het is één uur geweest en het water is nu ‘too low and too slow’. Dan maar meteen de bergen in om te wandelen. We krijgen wat aanwijzingen waar we de beste ‘hiking trails’ kunnen vinden. Dat blijkt wel helemaal terugrijden naar Jackson, zo’n 20 minuten van North Conway.
Aan weg 16 richting Gorham zit vlak voor het skigebied van Wildcat Mountain, pal onder Mount Washington, een leuke wandeling naar de ‘Glen Ellis Falls’. Dit is een stuk pad wat op de route ligt van de ‘Appalachian Trail’, www.appalachiantrail.org/. De Appalachian Trail is een 3500 km (2175 mijl) lang afgebakend lange-afstand-wandelpad door de Appalachen bergketen in het oosten van de Verenigde Staten. Het strekt zich uit van Springer Mountain in Georgia tot Mount Katahdin in Maine. Dit stuk in de White Mountains is er een onderdeel van.
De wandeling start bij de parkeerplaats aan de 16. De klim begint rustig, maar al vrij snel wordt ie steiler en steiler. Het is een lastig pad om te lopen. Veel grote stenen en wortels van de bomen die in de loop liggen. De wandelpaden hier zijn heel anders dan in bijvoorbeeld Oostenrijk. De Oostenrijkers markeren de paden goed, regelmatig met een bordje waar je heen moet, en zorgen dat de paden goed en veilig begaanbaar zijn. Van dat alles niet hier! Het wandelen wordt klimmen en dat duurt ongeveer 45 minuten. We lopen in dicht bebost gebied met ook hier veel ‘Maple Trees’, de esdoorns die in het najaar, over een week of zes, zo prachtig geel, oranje en rood zijn. We zien trouwens zelf heel soms de eerste verkleuring van de bladeren al plaatsvinden. Wanneer je hier over zes weken komt, schijnt het in zowel New Hampshire als in Vermont afgeladen vol te zijn met bezoekers. Mensen die ‘once in their lifetime’ de Indian Summer ‘Foliage’ willen zien! Hotels of pensions schijn je al ruim een half jaar van tevoren geboekt te moeten hebben. Sommige hotels, die populair zijn, zijn een jaar van tevoren al volgeboekt. Het aantal (dodelijke) verkeersongelukken ligt tijdens de ‘foliage’ 3 tot 4 keer zo hoog als normaal. Ook de bestuurders kijken namelijk opzij of omhoog om de prachtige kleuren te aanschouwen.
Opvallend is dat we geen enkele keer kunnen genieten van een uitzicht. Het bos is zo dicht dat de Amerikanen er niet aan hebben gedacht om eens een openingetje te maken en het daglicht de kans te geven door te dringen tot de bodem van het bos. In de Alpen heb je nog wel eens een bankje et een prachtig uitzicht. Hier niet, laat staan een ‘stube’ voor een ‘apfelstrudel’, ‘frankfurter mit pommes’ of een ‘Stiegl bier’. Dit is voor ‘Diehards’, voor Opa met zijn kleinzoon… Op het moment dat het pad geen pad meer is, maar meer een kletterpartij aan het worden is, besluiten we om terug te keren. Bijna een uur omhoog betekent op dit pad met veel obstakels, driekwartier met knikkende knieën naar beneden. We vragen ons wel af waar nu de waterval is, want ook die hebben we nog niet gezien. Bij terugkomst bij de auto zien we op een bordje dat we het verkeerde pad hebben gelopen. De ‘Glen Ellis Falls’ liggen op een klein kwartier lopen, via een kleine onderdoorgang onder weg 16, aan de andere kant van de weg. Dat hadden wij even gemist. We besluiten alsnog naar de watervallen te lopen en dat is, ondanks onze vermoeide benen, meer dan de moeite waard! De ‘Glen Ellis Falls’ zijn ongeveer 25 meter hoog en komen uit in bassins, waarin je wel zou willen zwemmen. Zo baant de beek zich een weg door allemaal natuurlijke zwembadjes, wanneer het warmer was geweest, zeker uitnodigen om in te zwemmen. Maar het water is nu te koud voor de temperatuur die buiten heerst, zo’n 20 graden. Daarnaast hebben we de zwemspullen niet mee.
Bij de auto teruggekomen besluiten we om vanavond bij het ’Red Fox Restaurant’ in Jackson te gaan eten. Dit restaurant was gisteren geadviseerd door het meisje bij de receptie van het Eagle Mountain hotel. En toen wij er vandaag twee keer langsreden was het er heel druk, een teken dat het er goed moet zijn onzes inziens. Verder is er trouwens niet veel in Jackson, dus dat maakt de keuze voor de Red Fox eenvoudig. We willen even langsrijden om te reserveren, om vervolgens in het hotel op te frissen en om te kleden. Bij aankomst bij het restaurant blijkt er al plek voor ons te zijn. En het is al zes uur. We blijven en schuiven aan de ons toegewezen tafel. De ouders eten vandaag een ‘Salmon glazed in Maple’ en een ‘Salmon with Avocado Chutney’. Voor de kids ‘Hamburger with fries’ en ‘Beefribs with fries’. Deze dag zit er weer op. De White Mountains zijn prachtig, maar zijn ze net zo fijn als ‘Mansfield State Park’ en ‘Smuggler’s Notch Forest’ bij Stowe in Vermont?