Dag 3

Vancouver - Manning Park

Het regent! En ik ben om 5.00u wakker. Maar nee, ‘ik doe niet aan jet lags’ hoor ik mezelf nog zeggen. Ik ben zó vroeg wakker dat ik op dít moment heb besloten om dit reisverslag bij te houden.
In het restaurant vragen we om de menukaart i.p.v. het ‘continental breakfast’ en we mogen kosteloos iets van de kaart bestellen! We nemen yoghurt, fruit en een muffin.
Om vijf minuten over acht staat de bus van Fraserway voor het hotel. Deze anderhalve dag Vancouver voelt al als een enorme reis, terwijl het eigenlijk nog moet gaan beginnen.
De bus brengt ons na een aantal stops in ongeveer drie kwartier bij Fraserway. We zijn er! Het is grijs, grauw en druilerig. De aanblik van onze camper maakt het het beter. Hij is zó mooi! Veel mooier dan die van Cruise America twee jaar geleden. Er staat ruim 4.000 kilometer op de teller, dus hij zal één keer voor ons gebruikt zijn. Hij ruikt in ieder geval nog helemaal nieuw!
Na 347 miljoen handtekeningen kunnen we naar de camper voor de uitleg. Keith, een oud mannetje, legt ons uit hoe alles werkt. Keith is.. nou ja, oud. En hij weet het soms even niet meer. Gelukkig heb ik hier enigszins ervaring mee. Met campers bedoel ik, niet met dementerende bejaarden. Maar dan ineens is het moment daar om te vertrekken. Ineens. Gekkigheid, zou Koning Willy zeggen in Lucky TV.

De route gaat naar Manning Park. We hebben de tip gekregen om in Chilliwack (ongeveer een uur rijden) de boodschappen te doen. Vanaf het terrein van Fraserway rijden we direct de snelweg op om gelijk al een verkeerde afslag te nemen. ‘O ja joh, gaan we het zo doen? Wordt het zo’n vakantie? Is dit een voorbode voor de rest van de reis? En waarom regent het?!’, denk ik bij mezelf.
Onderweg krijgen we stevige buien over ons heen. Bij Chilliwack lijkt het op te klaren. Ineens ziet de wereld er leuker uit. We stoppen bij Safeway voor de boodschappen. Boodschappen zijn redelijk aan de prijs. Ook weer niet alles. Een tros bananen kost $0,69, maar een pot augurken $6.
Na anderhalf uur in de winkel komen we erachter dat het weer lekker regent. We willen snel de boodschappen in de camper laden maar.. de deur gaat niet open. Hij zit vast! Waarschijnlijk heb ik hardop wat obscene woorden geroepen, maar niemand verstaat me toch. We moeten dus nu voorlopig even via de ‘cabinedeuren’ naar binnen. Nou, dit wordt super lachen. Shoot me.

De route van Chilliwack naar Manning Park is, denk ik wel, heel mooi, maar we hebben er niet super veel van kunnen zien door de laaghangende bewolking.
We hebben een nacht gereserveerd op Lightning Lake Campground. Deze camping ligt midden in het bos aan: Lightning Lake. Super verrassend. Zou gek zijn als 'ie aan Thunder Lake ligt.
We hebben plek 44 helemaal aan het eind van de camping. Ik denk dat dit de mooiste plek is. Je kijkt namelijk door de bomen op het meer. Op deze camping is geen elektriciteit (of bereik), maar de locatie is zo mooi tussen de hoge naaldbomen. Er zijn wel (fijne, warme) douches en toiletten. Ondertussen regent het gewoon nog altijd hoor.

Om kwart voor vijf wil ik Fraserway bellen om te vertellen over de deur die niet meer opengaat. Het kantoor sluit om vijf dus ik ben nog net op tijd! ..O ja, geen bereik hier. Tot nu toe loopt het lekker allemaal zeg. Pff. We besluiten een wandeling te maken over de camping richting het meer.
Het is een mooie groene omgeving. Op de bergtoppen ligt ook nog redelijk wat sneeuw. Verschillende borden waarschuwen dat we ‘bear aware’ moeten zijn. Even later zie ik twee beren broodjes smeren.. Dit kan ik verzonnen hebben. Maar het voelt vreemd dat je in principe ieder moment het pad met een beer kan kruisen. En dan zie ik ineens.. o nee, een boomstronk.

Maar dan! Terug bij de camper gebeurt er iets. Nee, geen beer, maar na een spontane klap tegen de deur valt het slot open! Dit was het moment geweest dat de lucht opentrok en je zingende engeltjes hoort. Dát gebeurde niet, maar dit was wel een enorme opluchting. Dit voelt als het moment dat het nu echt kan beginnen. Hét kamperen. Maar wat doe je dan? Een kampvuur maken natuurlijk. Ik heb die avond worst op een houtvuur gegrild. Zo hoort het. Green Egg, move over. Dit is de real deal. Gelukkig hadden we een worst extra, want één viel in het vuur. Verder ben ik een hele goede kok. Of eigenlijk grillmaster.