Dag 13

Blue River - Clearwater

We zijn vandaag laat wakker. Gisteravond lazen we op de voucher voor het paardrijden van vandaag dat we 24 uur van te voren onze afspraak moesten bevestigen. We hebben toen gauw een mail gestuurd. Nu gaan we eerst ontbijten en naar de Blue River Safari. Daar aangekomen staan we voor het eerste probleem in onze planning: het is erg druk en ondanks de vooraf gekochte kaarten en dat elk kwartier een boot gaat, moeten we wachten tot 12 uur en de tocht duurt niet een uur (zoals op de voucher staat), maar anderhalf uur. Bovendien hebben we in de tussentijd een mail gekregen van de ranch dat we er een uur van te voren moeten zijn, terwijl op de voucher staat dat wordt aangeraden een halfuur van te voren aanwezig te zijn. We willen geen van de activiteiten skippen, dus houden intensief telefonisch contact met Carly van de lodge, die op haar beurt contact houdt met de ranch. De safari per boot is geweldig. We zijn nog maar even op weg en zien dan een moederbeer met twee kleintjes langs de kant van het water struinen. We drijven steeds iets dichterbij en kunnen ze een flink tijdje vanaf korte afstand bewonderen. De bestuurder van de boot zegt tijdens een korte stop bij een waterval dat het tot nu toe nog niet was gelukt deze kleintjes goed te bekijken, omdat moeder erg beschermend was. Naast een adelaarsnest zien we verder geen wildlife meer, maar wij zijn gelukkig met wat we gezien hebben. Inmiddels is het rustiger geworden, dus neemt onze kapitein ons nog mee voor een tripje over de river op hoge snelheid. Erg gaaf! We zien de plek waar de Thompson River en de Blue River bij elkaar komen, dit is een bijzonder gezicht aangezien de rivieren andere kleuren hebben. Ook zien we overblijfselen van een oude brug en wrakstukken van de oude auto’s die het niet tot de overkant gehaald hebben. Bij terugkomst is de medewerker van wie we de weer achterlijk dure foto kopen zichtbaar jaloers op ons. Het was hem namelijk ook nog niet gelukt om de twee kleine beertjes te zien. Als Mats de TomTom heeft ingesteld naar de ranch, blijkt de rit een halfuur korter te duren dan volgens onze planning. Carly heeft ons laten weten dat het paardrijden door kan gaan als we er uiterlijk kwart voor 3 zijn, als we een beetje doorrijden moet dat net lukken dus ik laat haar weten dat we onderweg zijn. Anderhalf uur later komen we op de (volgens de TomTom) plek van bestemming aan, maar we zien geen ranch. Wel een visitor centre, dus Mats rent naar binnen om de weg te vragen. Het blijkt dat onze planning toch gelijk had. Mats had geen huisnummer ingevoerd dus heeft de navigatie ons netjes aan het begin van de straat afgezet. Helaas moesten we nu nog de berg oprijden naar nummer 6664. Er is hier geen mobiel bereik, dus we kunnen Carly niet laten weten dat we toch een halfuur te laat zullen komen. Net voordat we de weg op draaien, rijdt er een enorme vrachtwagen met boomstammen voor ons langs die kruipend aan de lange weg begint. Het duurt even voordat we moed hebben verzameld en met gekruiste vingers inhalen op de slingerende bergweg. We rijden zo hard als nog enigzins verantwoord is op het slechte asfalt vol met gaten. Bij de ranch aangekomen beginnen we een haastig verontschuldigende uitleg tegen een vrouw die een van de paarden aan het voorzien is van een nieuw hoefijzer. Ze zegt dat het niet erg is, maar dat de rit wel korter wordt. Op de achtergrond staat een man met cowboyhoed, cowboyuitrusting, cowboysnor en cowboyuitstraling een beetje te gniffelen terwijl hij de paarden zadelt. Hij heet Matt Johnston en we moeten op Geronimo en Troy een kort parcourtje afleggen en slalommen tussen wat pilonnen door om te laten zien dat we de paarden kunnen besturen. Matt is tevreden en we gaan gauw op weg. Het is geen makkelijk pad, we gaan best stijl omhoog en omlaag en de paardjes verstappen zich regelmatig op de grote stenen die op het pad liggen. Ik denk dat ik iets uitstraal wat er altijd voor zorgt dat ik de slome paarden toegewezen krijg, want ik moet Geronimo regelmatig op zijn kont tikken om hem op gang te houden. Matt geeft toe dat Geronimo een beetje ‘goofy’ is. Onderweg worden we gewezen op de sporen van bomenklimmende beren en de plekken waar beren duidelijk hun territorium afbakenen door flinke stukken schors van de boven af te scheuren. Ook zien we een boom waarop te zien is dat de bliksem is ingeslagen, dat is hoe de meeste bosbranden in Canada beginnen. We hobbelen verder en genieten met volle teugels! We houden een korte pauze bij een mooi watervalletje en kletsen wat met Matt. Hij komt een beetje los, maar is duidelijk een man van weinig woorden. Hij zegt dat het erg goed gaat en dat een dagrit ook wel iets voor ons zou zijn. Ze bieden sinds kort zelfs meerdaagse ritten aan, hoe gaaf! Na 2,5 uur komen we terug op de ranch. We zijn een kwartier te laat en Matt galoppeert gauw achter de groep aan waar zijn vrouw al mee vertrokken is. In de folder lezen we dat we eigenlijk de hele route hebben gedaan die normaal 3 uur duurt, wat lief van Matt! We hopen dat hij niet op de bank hoeft te slapen vannacht. Onze RV-plek is nagenoeg naast de ranch, dus later op de avond loopt Mats nog even terug om hen hartelijk te bedanken. Bij het inchecken kletsen we met de medewerkster van de lodge over tattoeages. Ze zegt dat in Canada bij vrouwen een tijdje de tribals boven de billen erg in waren en dat ze daar niet zo’n nette naam voor hebben: tramp stamps. We zeggen dat we in NL bekend zijn met de hype en de term en vertalen onze naam ervoor: butt antlers (kontgewei). Ze ligt plat. We zetten de camper neer en maken sla met gebakken aardappeltjes. De gebakken worstjes zijn niet bepaald lekker, die gekke Canadezen voegen werkelijk overal cheddarsmaak aan toe.. bleh. Naast ons staan Friezen die ons met klem aanraden om in Whistler de zipptrack te gaan doen. We zullen morgen kijken of dat lukt. Voordat we kunnen gaan slapen, zijn we eerst nog dik een halfuur bezig om alle beestjes in de camper dood te meppen. Die ene laatste mug krijgen we maar niet te pakken. Hij ons helaas vannacht wel… verrekte mug.